Het zijn lastige tijden voor de producten en importeurs van frisdranken, waters, sappen en siropen. De dorstlessers staan regelmatig in een ongunstig licht in de discussie over suiker, suikervervangers en gezondheid. ‘Als we vandaag alle suikerhoudende dranken zouden verbieden, zou dat het overgewichtprobleem niet oplossen.’

Wie hoort en leest wat er over niet-alcoholische dranken wordt gezegd en geschreven, zou soms denken dat het om zeer schadelijke substanties gaat. Suiker is de duivel, zoetstoffen zijn vergif. Zelfs vruchtensap is niet oké, want dat tast het gebit aan. Deze standpunten, waarvan een aantal aantoonbaar onwaar zijn en andere genuanceerder dan hier opgeschreven, hebben ertoe geleid dat de leden van branchevereniging Frisdranken, Waters, Sappen (FWS) te kampen hebben met dalende omzetten. Behalve als het om water gaat, maar dat bevestigt het knelpunt eens te meer. ‘Er zijn meer zaken die een druk leggen op onze leden, zoals regels rond verpakkingen en verbruiksbelasting, maar de gezondheidsdiscussie heeft de grootste impact’, zegt directeur Raymond Gianotten van de FWS.

Sector werkt mee aan oplossingen

Het verslechterende imago van suiker is gekoppeld aan de zorgen over de sterk stijgende obesitas in steeds grotere delen van de wereld. Gianotten: ‘Die zorgen bagatelliseren wij niet. Overgewicht is een probleem. Onze leden dragen ook oplossingen aan. Light frisdrank is ook écht light, met meestal nul of anders zeer weinig calorieën. Verder is in 2015 aangekondigd dat producenten de calorie--aantallen in de producten nog verder gaan verlagen. Niet-alcoholische dranken vormen gemiddeld echter slechts vier procent van het totale aantal geconsumeerde calorieën. Voor siroop, vruchtensap of frisdrank geldt hetzelfde als voor alle voeding en drank: overdaad schaadt. Zelfs te veel water is slecht voor je. Dat overkomt gelukkig niet veel mensen, de meesten drinken juist te weinig. Variatie maakt drinken gemakkelijker.’ Het is niet moeilijk hier iets bij te bedenken: wielrenners die na een hete Touretappe snakken naar een blikje cola, studenten met energydrinks in de tentamenweek, senioren die moeilijk drinken.

‘Zoetstoffen zijn volkomen veilig’

Frisdranken en siropen in de vormen light, zero, max, free, enzovoort vormen geen gevaar voor het gewicht, maar in deze categorie liggen de gebruikte zoetstoffen onder vuur. Onterecht, vindt de FWS, want zoetstoffen zijn volkomen veilig. ‘Je hoeft maar een zoetstof in Google in te tikken of je krijgt honderden hits van zelfverklaarde experts die beweren dat aspartaam of cyclamaat vergif zijn’, aldus Raymond Gianotten. En inderdaad: wie ‘zoetstoffen’ intikt in de bekende balk, krijgt van Google als eerste suggestie ‘slecht’. Dit is geen kwestie van perceptie, maar van waar of onwaar. ‘Dat zoetstoffen veilig zijn, blijkt uit de talloze wetenschappelijke onderzoeken’, zegt Gianotten. De aanbevolen maximale hoeveelheid per dag heeft al een enorme veiligheidsmarge en zelfs om die te bereiken zou je liters en liters light moeten wegdrinken. Wel gaan onze leden mee met voedingstrends, zoals de hang naar natuurlijke en ambachtelijke voeding. Conventionele zoetstoffen zijn niet-natuurlijk en Stevia is dat wel. Vandaar dat je die zoetstof ook vaker tegenkomt in de producten. Stevia heeft echter nog wel beperkingen qua smaak.’

Leefstijlprobleem

De voedingssector kent wel meer van dit soort discussies. Vroeger had vet de rol die suiker nu heeft: in elke vorm was vet uit den boze. De huidige stand van de wetenschap weerspreekt dat. Wellicht dat zoiets met suiker ook gebeurt? ‘Er is natuurlijk wel wat veranderd’, antwoordt Raymond Gianotten. ‘Internet en de sociale media maken van iedereen een expert. In het verleden hechtte men meer waarde aan de informatie van kennisinstituten zoals het Voedingscentrum. Tegenwoordig heeft de buurman gelijk. En nogmaals, obesitas is een echt probleem. Maar: het is een leeftstijlprobleem, geen suikerprobleem. Zelfs al wordt vandaag alle drank met natuurlijke of toegevoegde suiker verboden, dan nog wordt overgewicht niet opgelost’, besluit Raymond Gianotten.

Bron: