Ingrediënten
Frisdrank of limonade bestaat in ieder geval uit water, suikers en/of zoetstoffen. Daaraan mogen koolzuur, aroma’s, eetbare bestanddelen van vruchten of planten en vruchten- of plantensappen zijn toegevoegd. In light frisdrank zijn de suikers geheel of gedeeltelijk vervangen door zoetstoffen. Bekende voorbeelden van frisdrank zijn cola, sinas, cassis en lemon-/limedranken.

Water
Het hoofdbestanddeel van frisdranken is water. Water is puur, helder en heeft geen geur of kleur. Het water dat verwerkt wordt in frisdranken is bronwater of natuurlijk mineraalwater, leidingwater of water uit eigen bron. De fabrieken betrekken het drinkwater uit eigen bronnen of van de waterleidingbedrijven. In de laboratoria van de fabrieken wordt de kwaliteit van het water voortdurend gecontroleerd.

Suiker
Suiker (of saccharose) behoort tot de groep van de koolhydraten. Koolhydraten leveren, samen met vetten en eiwitten, energie aan het lichaam. Zonder energie kun je niet goed functioneren. Regular frisdrank wordt gezoet met suikers, light frisdrank niet of slechts voor een heel klein deel en zero frisdrank helemaal niet. Op de verpakking staat zowel het totaal gehalte aan koolhydraten vermeld als de hoeveelheid suikers. Suikers hebben naast de functie van zoetmiddel en energieleverancier nog meer functies. Ze werken als conserveermiddel, verbeteren de smaak en ze geven stevigheid en structuur aan levensmiddelen.

Zoetstoffen
Zoetstoffen zijn producten die vanwege hun zoetend vermogen in levensmiddelen worden gebruikt, in plaats van suiker. De zoetstoffen die op dit moment aan frisdrank mogen worden toegevoegd zijn acesulfaam-K, aspartaam, advantaam, cyclamaat, neohesperidine, sacharine, sucralose en neotaam.
Deze zoetstoffen leveren nauwelijks of geen energie. In frisdranken worden meestal combinaties van meerdere zoetstoffen gebruikt. Omdat de zoetstoffen elkaar versterken, zijn slechts kleine hoeveelheden nodig om het gewenste smaakeffect te krijgen. Voor meer feiten over zoetstoffen, kijk op www.zoetstoffen.nl.


Vruchtensap, aroma's en/of extracten
Afhankelijk van de soort frisdrank, worden er vruchtensap, extracten, aroma's en/of delen van vruchten en planten in verwerkt. Dit zijn belangrijke bestanddelen, want ze bepalen de smaak van de frisdrank.

E-nummers: additieven of hulpstoffen
Aan frisdranken kunnen kleurstoffen, conserveermiddelen, anti-oxidanten en voedingszuren worden toegevoegd. Deze stoffen beïnvloeden de houdbaarheid, kleur, geur en smaak van een product. Deze hulpstoffen heten additieven en worden op het etiket aangeduid met hun eigen naam of met een E-nummer. Dit nummer wordt toegekend aan stoffen die veilig zijn bevonden door de Europese Unie. De Warenwet regelt welke hulpstoffen in welke hoeveelheden mogen worden gebruikt. Overzicht van alle E-nummers.

 

Additieven in frisdrank

Kleurstoffen

E100 – 180

Geven kleur aan frisdranken

Conserveermiddelen

E200 – 300

Remmen de groei van bacteriën en schimmels

Anti-oxidanten 

E300 – 321

Beschermen frisdranken tegen bederf en vitamines blijven langer behouden

Zoetstoffen

E950 – 967

Geven een zoete smaak aan frisdrank en leveren bijna geen calorieën

 

Koolzuur
Het 'prik' dat in de meeste frisdranken voorkomt, heet koolzuur. Dit is een reuk-, smaak- en kleurloos gas, dat frisdrank een sprankelend effect geeft. Koolzuur is calorieloos en zorgt voor een verfrissend gevoel in de mond. Het gas wordt tijdens het productieproces aan de dranken toegevoegd en is goedgekeurd door het Wetenschappelijk Comité van de Europese Unie voor Voedingswaren. Koolzuur voldoet hiermee aan alle veiligheidsnormen voor voedingsmiddelen.

Cafeïne
Cafeïne is een natuurlijke stof die voorkomt in meer dan 60 plantensoorten, waarvan de koffie- en de theestruik de meest bekende zijn. Cafeïne heeft een licht stimulerende werking en komt voor in koffie, thee, frisdranken, chocolade, cacao en diverse geneesmiddelen.
Al meer dan een eeuw worden kleine hoeveelheden cafeïne toegevoegd aan verschillende frisdranken, waarvan cola de bekendste is. Net als bij andere voedingsmiddelen en dranken, is de combinatie en de hoeveelheid ingrediënten bepalend voor de smaak van frisdranken. Cafeïne geeft aan frisdranken een enigszins bittere smaak.

Vitamines en mineralen
In Nederland is het toegestaan om vitamines en mineralen aan frisdranken toe te voegen, maar wel onder strikte voorwaarden. Alleen de volgende vitamines en mineralen mogen aan frisdranken worden toegevoegd: vitamine A in de vorm van beta-caroteen, vitamine B1, vitamine B2, Niacine, vitamine B6, pantotheenzuur, vitamine B12, biotine, vitamine C, vitamine E, vitamine K, Calcium, Magnesium, IJzer, Mangaan, Natrium, Kalium, Chloor, Fosfor, Chroom en Molybdeen.